In de pers verschijnen heel regelmatig berichten over wetenschappelijk onderzoek over voeding en drank in relatie tot de gezondheid, die eerder gepubliceerde onderzoeksresultaten weer ondermijnen. "De consument ziet door de bomen het bos niet meer”, stellen Hans Verhagen, hoofd van het Centrum voor Voeding en Gezondheid van het RIVM en Roy van der Ploeg, persvoorlichter van het Voedingscentrum. Zij adviseren consumenten om niet te veel waarde te hechten aan individuele onderzoeken. "Onderzoekers stappen al snel met hun resultaten naar de pers. Het is belangrijk om je te realiseren dat lang niet alles wetenschappelijk onderbouwd is." 

Verhagen en Van der Ploeg wijzen er op dat veel partijen belang hebben bij een bepaalde uitkomst over een product. Pas als verschillende correct uitgevoerde onderzoeken onafhankelijk van elkaar hetzelfde resultaat geven, is er sprake van wetenschappelijke consensus en kan het in de voorlichting naar de burger worden benut. 

Verhagen ziet het als een baanbrekende stap als de Europese verordening van kracht wordt dat producenten een claim op voeding moeten kunnen bewijzen. De Europese Voedselveiligheidsautoriteit (EFSA) beoordeelde 3.000 claims en stuurde daarvan slechts 222 voor goedkeuring door naar het Europees Parlement. Als het Europees Parlement akkoord gaat, moeten alle niet goedgekeurde beweringen na 6 maanden verdwijnen en blijven alleen de wetenschappelijk bewezen claims overeind. 

Vooralsnog zal de consument genoegen moeten nemen met veel tegenstrijdige conclusies, waarvan de waarheid moeilijk te achterhalen is. “Gebruik bij eten en drinken vooral ook het boerenverstand”, geeft Van der Ploeg aan. “De Schijf van Vijf is nog steeds de leidraad voor een gezond en gevarieerd eetpatroon.”