Opinie Raymond Gianotten (directeur Nederlandse vereniging Frisdranken, Waters, Sappen) - 8 juli 2014. 

Nederland is één van de weinige EU-landen met een verbruiksbelasting op alcoholvrije dranken. Ondanks een eerdere toezegging dat de belasting zou verdwijnen, is dat niet gebeurd. Raymond Gianotten van de brancheorganisatie van drankenproducenten FWS vindt dat de overheid die belofte nu moet nakomen en legt uit waarom.

Per 1 januari 2014 is de verbruiksbelasting op alcoholvrije dranken – waaronder waters, sappen en frisdranken – met maar liefst 38 procent verhoogd. Dit terwijl in het Belastingplan 2012 nog was voorzien in de afschaffing van de belasting per 2013. De afschaffing is daarna, wegens de budgettaire situatie van de overheid, uitgesteld ‘naar een nader te bepalen moment bij Koninklijk Besluit’. 

Cash cow
Nederland behoort tot de weinige landen in de Europese Unie met een verbruiksbelasting op waters, sappen en frisdranken. Begin jaren negentig was het door Europese regelgeving niet meer mogelijk om accijnzen op alcoholvrije dranken te heffen. In plaats van de accijns af te schaffen, zoals was bedoeld in Europese wetgeving, doopte de Nederlandse regering de accijns om tot verbruiksbelasting. De reden: extra belastinginkomsten. Opmerkelijk is dat de belasting niet geldt voor concurrerende dranken zoals koffie en thee. Bovendien kent geen enkele andere levensmiddelencategorie een dergelijke belasting. Producenten ervaren de belasting daarom als discriminerend. 

Toezicht
De overheid had in 2012 het voornemen de verbruiksbelasting af te schaffen. Als reden werd genoemd dat de belasting ‘klein en hinderlijk’ is. Daarbij vereist de verbruiksbelasting in de praktijk onevenredig veel toezicht en is de handhaving gecompliceerd. Bij import van dranken heeft de overheid – anders dan bij accijnzen – nauwelijks instrumenten om te controleren of de belasting wordt afgedragen. Dit benadeelt Nederlandse producenten en zadelt de overheid op met hoge kosten wegens het vele toezicht dat is vereist. Uiteindelijk is het de consument die opdraait voor de belasting.

Overheidsfinanciën
De Voorjaarsnota 2014 van het ministerie van Financiën laat zien dat de economie aantrekt. Mede hierdoor zijn de overheidsfinanciën beter op orde dan vorig jaar bij de Miljoenennota werd verwacht. Met bovengenoemde argumenten in gedachten, is dit voor ons het moment de overheid te herinneren aan haar eerdere toezegging; hef de verbruiksbelasting op alcoholvrije dranken per 1 januari 2015! Daarbij past afschaffing naadloos in het beleid van staatssecretaris Wiebes van Financiën tot fiscale vereenvoudiging. Tevens zorgt afschaffing voor een eerlijk speelveld en behoud van werkgelegenheid, in een  sector die belangrijk is voor de Nederlandse economie.

Raymond Gianotten (directeur FWS)

Wet op de verbruiksbelastingen
Op, frisdranken, vruchtensappen, groentesappen, mineraalwater en limonade heft de Belastingdienst verbruiksbelasting, ook wel frisdrankenbelasting. Dit is geregeld in de Wet op de verbruiksbelastingen van alcoholvrije dranken en van enkele andere produkten. Deze belasting geldt ook voor alcoholvrije dranken in vaste vorm (bijvoorbeeld poeder voor energiedrankjes) of als concentraat, zoals limonadesiroop. Het tarief bedraagt 7,59 euro per hectoliter voor frisdranken en 5,70 euro per hectoliter voor vruchtensappen en mineraalwater. Nederland is een van de weinige landen in Europa die een dergelijke belasting op een categorie gewone levensmiddelen heeft ingesteld.