Onderzoek toont aan: innovaties in laagcalorische dranken succesvol

Den Haag, de consumptie van laagcalorische dranken is de laatste jaren fors  toegenomen: in 2008 was meer dan 30% van de frisdranken light, in het jaar 2000 was dat nog maar 18%. Hierdoor is het aantal kilocalorieën afkomstig van frisdranken (koolzuurhoudend en koolzuurvrij) in acht jaar tijd gedaald met 21% tot 67 kcal per hoofd per dag. Dit blijkt uit het grootschalige onderzoek “Wat drinkt Nederland?”* dat de Nederlandse vereniging Frisdranken, Waters en Sappen (FWS) door bureau GfK  heeft laten uitvoeren. Het onderzoek biedt tal van belangrijke resultaten waar bedrijven hun beleid voor gezond gewicht op kunnen baseren.

De Nederlander drinkt over het algemeen voldoende en gevarieerd, zo blijkt uit het onderzoek. Gemiddeld wordt er 1,7 liter per persoon per dag gedronken. Zonder alcohol ligt dit cijfer op 1,5 liter. Koffie en thee drinkt de Nederlander met vier à vijf koppen per dag (505 ml) het meest. Hierop volgen water met ruim twee glazen per dag (413 ml) en frisdranken met ruim driekwart glas per dag (177 ml).

Variatie per leeftijd

Wat we drinken verschilt per leeftijd. Warme dranken zoals thee en koffie zijn populair bij ouderen vanaf 30 jaar. De jongere generatie tot 20 jaar drinkt relatief meer zuiveldranken, siropen en frisdrank. Ook water is voor alle leeftijdsgroepen een belangrijke bron van vocht. Leidingwater is daarbij met 81% het meest gedronken soort water. Van de overige waters (natuurlijk mineraal- of bronwater) wordt bijna een half glas per dag (80 ml) gedronken. Vruchtensappen worden door alle leeftijden ongeveer evenveel gedronken, gemiddeld een kwart glas per dag (67 ml). Siroop wordt vooral in de leeftijd van 4-12 jaar gedronken. Personen met overgewicht of obesitas kiezen vaker voor light-varianten en water. De verschillen tussen Sociaal Economische Status zijn klein.

Energie-inname 

Gemiddeld leveren dranken, inclusief alcohol, 344 kcal per dag, dit is 17 procent van de Dagelijkse Voedingsrichtlijn ** (DV) van 2000 kcal. Belangrijkste energieleverancier zijn alcoholische dranken met gemiddeld 117 kcal (5,9 procent van DV), gevolgd door zuiveldranken (75 kcal / 3,8 procent van DV), koolzuurhoudende frisdranken (40 kcal / 2 procent van DV) en warme dranken (31 kcal / 1,6 procent van DV).

Slagen maken

De FWS heeft dit onderzoek vooral laten uitvoeren om te zien hoe het staat met het beleid ten aanzien van gezond gewicht. De uitkomsten van het onderzoek zijn voor Jouke Schat, directeur FWS, geen reden om stil te gaan zitten. “Als frisdrankenindustrie blijven we actief betrokken bij het bevorderen van een gezonde leefstijl en een gezond gewicht. We zullen steeds weer initiatieven ontwikkelen op het gebied van productinnovatie en informatie en voorlichting. Tevens zullen we beweging blijven stimuleren. Met de onderzoeksresultaten bij de hand, zullen we in de komende periode nog de nodige slagen gaan maken.”  

* In september 2009 voerde GfK een representatieve consumptiepeiling uit onder 2.079 Nederlanders vanaf 4 jaar. De respondenten hielden 7 dagen een voedingsdagboek bij van hun drankconsumptie, met als totaal 153.823 geregistreerde consumpties. Het is voor het eerst sinds de Voedselconsumptiepeiling in 1998 dat in een uitgebreid onderzoek gemeten is hoeveel en wat Nederland drinkt.

**De Dagelijkse Voedingsrichtlijn (DV) geeft aan hoeveel energie gemiddeld per dag nodig is, namelijk 2000 kcal. Het percentage van de DV geeft aan hoeveel kcal het voedingsmiddel inneemt van deze dagelijkse energiebehoefte.


Co Snijder, voorzitter FWS (links op de foto) reikt de brochure “Wat drinkt Nederland?” uit aan Paul Rosenmöller, voorzitter Convenant Gezond Gewicht.