ADI

De wet eist van zoetstoffen dat ze veilig en niet schadelijk voor de gezondheid zijn. Voordat een zoetstof op de markt mag worden gebracht, moet deze worden onderworpen aan een langdurig en grondig wetenschappelijk onderzoek naar de veiligheid van de stof. Bij zulke onderzoeken wordt de ADI (Aanvaardbare Dagelijkse Inname) vastgesteld. Dit is de hoeveelheid die een mens een leven lang veilig elke dag kan gebruiken. ADI-waarden zijn richtlijnen, geen wettelijke vastgestelde hoeveelheden. Voor de veiligheid is de ADI namelijk 100 keer lager dan de hoeveelheid die schadelijk kan zijn. Door deze veiligheidsmarge heeft een enkele overschrijding geen direct risico voor de gezondheid

Richtlijn
Het gebruik van zoetstoffen in levensmiddelen is voor de gehele Europese Unie vastgelegd in richtlijn 94/35/EG. Deze richtlijn is doorgevoerd in het Warenwetbesluit Zoetstoffen en de Warenwetregeling Gebruik van zoetstoffen in levensmiddelen.

ADI - een rekenvoorbeeld
Hoeveel light frisdrank gezoet met aspartaam mag een 10-jarige drinken?
Het gemiddelde lichaamsgewicht van en 10-jarige is 30 kg;
de ADI van aspartaam is 40 mg/kg lichaamsgewicht;
de maximale hoeveelheid aspartaam voor een 10-jarige per dag over een langere periode is dan 30 kg x 40 mg/kg = 1200 mg.
De maximaal toegestane hoeveelheid aspartaam in frisdranken is 600 mg / liter (maar meestal wordt minder gebruikt). Dit betekent dat een 10-jarige over een langere periode elke dag 1200 / 600= 2 liter light-frisdrank gezoet met aspartaam kan drinken zonder enig risico op overschrijding van de ADI. Let wel: bij een mix van zoetstoffen moet voor een dergelijke berekening worden uitgegaan van de zoetstof met de laagste ADI!

« terug